Afbeelding2Afbeelding2

***Een hond is een vleesetend roofdier en vooral een hond geen mens.

***Een hond ruikt, kijkt en luistert pas daarna.

***Elke hond bij geboorte is volledig uitgebalanceerd en heeft vrede met zichzelf en de natuur,

pas als ze hun leven moeten delen met mensen ontstaan er problemen.

***Vergeet niet dat de energie die je aan je pup doorgeeft ook haar energie zal worden.  

***Om een evenwichtige, gezonde hond te krijgen moet een mens zorgen voor:  

lichaamsbeweging, discipline en genegenheid.

 In die volgorde. Dit is essentieel. 

Cesar Millan

Er is op dit moment veel negatieve kritiek over de werkwijze van Cesar Millan die hij toepast. Kritiek is altijd wel makkelijk te geven maar in dit geval is het ook nog een zeer negatieve kritiek. Dat is erg jammer. Het positieve wat wij uit deze boeken halen, en wat wij daarvan ook als zeer prettig ervaren, daar hoor je helaas zeer weinig over. De boeken van Cesar Millan zijn leerzame en waar iedereen wel wat nuttigs uit kan halen,  om toe te passen op zijn of haar hond.  Wetenschappelijk bewezen of niet maakt ons niets uit, wat je ook doet het moet altijd ten goede komen voor het individu, is veel belangrijker. Op 4 april 2015 werd in Congrescentrum de Werelt te Lunteren het KynoCongres gehouden, ook dit onderwerp is hier behandeld. Toch interessant! zie hier  

Als u samen met uw hond een stabiele samenwerking wilt, lees dan het verslag dat wij gemaakt hebben van zijn uitgegeven boeken, Cesars aanpak – voor puppy`s, Cesars aanpak – om weer baas over je eigen hond te worden, Cesar aanpak – praktische gids voor een gelukkige hond.                                                                              

 

***Het kiezen van een hond.

Vraag je zelf alsjeblieft af wat precies de reden is om een hond in huis te halen. Voordat je besluit een hond te nemen, zou je eigenlijk alle volgende vragen met ja moeten beantwoorden. ( en alles wat tussen haakjes staat met nee )

1 – kan ik het opbrengen om iedere dag minstens anderhalf uur met mijn hond te gaan lopen. ( of zet ik hem gewoon in de tuin, dit is voldoende lichaamsbeweging )

2 – ben ik bereid om te leren hoe ik een kalme, zelfverzekerde roedelleider van mijn hond moet worden. ( of laat ik mij door de hond als voetveeg gebruiken, omdat dat veel gemakkelijker is )

3 – ben ik bereid om duidelijke regels en grenzen te stellen in mijn huis. ( of mag de hond doen wat hij wil )

4 – ben ik bereid mijn hond regelmatig te voeren en water te geven ( of alleen als ik er aan denk )

5 – ben ik bereid om mijn hond alleen aan te halen en te belonen op het juiste moment en als mijn hond zich kalm en onderdanig gedraagt. ( of ga ik mijn hond knuffelen wanneer hij angstig of agressief is , of wanneer ik daar toevallig zin in heb )

 

7 – zal ik ervoor zorgen dat mijn hond gesocialiseerd is en/of behoorlijk is afgericht zodat hij nooit een gevaar zal vormen voor andere dieren en mensen. ( of hoop ik er maar het beste van en waarschuw ik wat mijn hond mankeert )

8 – ben ik bereid om de ontlasting van mijn hond op te ruimen als ik met hem gaat wandelen. ( of laat ik het lekker liggen wat helaas erg veel mensen doen )

 

***Een huis dat op de pup berekend is.

Als je niets voorbereid hebt dan kunnen er allerlei rampen gebeuren, en dat is helemaal niet nodig. Zeker niet als je ervoor zorgt dat je pup de eerste paar weken in een afgesloten ruimte blijft, waarbij je haar territorium langzaam maar zeker uitbreidt naarmate ze zindelijk wordt en zich beter op haar gemak begint te voelen met de andere leden van de roedel. Voordeel- het is voor haar gemakkelijker om vertrouwd te raken met jouw regels, grenzen en beperkingen.  Een  goede ruimte is als het mogelijk is bv de keuken met een deur naar de tuin. Let op er zijn ook een aantal planten giftig voor honden. Zie internet.

Mag de pup gelijk het hele huis tot zich nemen wat niet aan te raden is,  het is het ergste wat je een pup kunt aandoen (ze komt uit een kleine plek waar ze zich veilig , prettig en zeker voelde. Die structuur schonk haar harmonie, rust en een groeiend gevoel van zelfvertrouwen).  Een grote nieuwe omgeving schenkt dit dus niet. Maar komt de pup verder in het huis, loop dan het hele huis door en kijk of er ergens losse kabels liggen of elektriciteit snoeren, haal ze weg of plak ze vast op de grond. Zorg dat alle etenswaar, schoonmaakmiddelen, toilet artikelen en kamerplanten  ( een aantal zijn giftig voor honden)van de vloer af zijn en deze op een plank staan of afgesloten in een kast.

Wat je in huis moet hebben voor de pup om samen een nieuw leven te beginnen. 1- drink en eet bakken 2- halsband en riem 3- verzorgingsspullen, nagelschaar, borstels, vlooienkam 4- puppymatjes voor zindelijk te maken 5- kauwkluiven van natuurlijk materiaal, bulle pees of pens staafjes. 6- plastic zakjes voor de hondenpoep 7- hondenmand-stretcher-kussen 8- diverse leerzame speeltjes.

 

***Het uitkiezen van je pup (op energieniveau).

Als je een hond uitkiest bij een fokker of asiel hanteer dan deze vuistregels  * er zijn 4 verschillende energieniveaus.

1- Zeer hoog, voortdurend in beweging, kan uren blijven lopen of rennen en heeft nog energie over.

2- Hoog, heel atletisch, geeft de voorkeur aan inspannende bezigheden, wordt wel moe en heeft eind van de dag behoefte aan slaap.

3- Gemiddeld, normale lichaamsbeweging, wisscheld af met periodes van rust.

4- laag, een slome duikelaar, liever lui dan moe.

 

***De vuistregels

1- kies een hond met een soortgelijk energieniveau als jijzelf of een stukje lager.

2 -Kies nooit een hond dat een hoger energieniveau heeft dan jezelf, als je zelf relaxed bent zou ik je niet aanraden om een hond te kiezen die uit zijn kooi springt.

3- Pups met een laag en middelmatig energieniveau zijn bijzonder geschikt voor onervaren hondenbezitters, gezinnen met kinderen, of baasjes die al een hond in huis hebben met een hoger energieniveau.

4- Kies als eerste keuze niet alleen voor schoonheid van je pup. Veel belangrijker is dus hierboven punt  1-2 en 3.

 

***Een hondenleven vanaf de allereerste dag. Bij de Bende van de Ruwe Rakkers.

 Ik ben geboren met mijn ogen en oren dicht maar mijn neus wijd open.

 De eerste twee weken. 

Van elementair belang is om ze in dit stadium een paar keer per dag op te tillen en vast te houden voor drie tot vijf minuten. Dit zorgt ervoor dat de pups beter om zullen kunnen gaan met problemen en gedurende de rest van hun leven spanningen, uitdagingen en nieuwe ervaringen beter kunnen verdragen.  De eerste dingen die wij doen, is heel zacht tegen de snuitjes van de pups blazen. Zo associëren ze mijn geur met geborgenheid, precies zoals ze dit doen met de geur van hun moeder. Vanaf de eerste week dus laten wennen aan geuren.

Het belangrijkste wat iedereen  moet begrijpen met betrekking tot die eerste twee weken van de pup is, dat hij de wereld totaal verschillend ondergaat als een mensen baby.  Hij kent drie dingen: geur, aanrakingen en energie.

De overgangsfase : week twee tot week drie.

Deze fase duurt ongeveer een week.  Nu begint het in werking treden van de laatste twee zintuigen, ogen gaan open en de oren gaan luisteren. Vanaf nu mogen de nieuwe baasjes komen kijken en de honden oppakken. Pups kopers als u de volgende keer komt kijken – schoenen uit bij de voordeur en even bij ons de handen wassen.

Vanaf drie weken zoveel mogelijk verschillende geluiden laten horen d. m. v geluidsbanden opnames en mensen geluiden onder ander, een stofzuiger, schreeuwende kinderen, toeterende auto`s, dichtslaande deuren. Zoveel mogelijk geluiden binnen een gezin. Op deze leeftijd kennen de pups geen angst.

Socialisatie : week drie tot week veertien.   Behoren tot de meest cruciale in het leven van je pup.

De eerste fase van het socialisatieproces is de tijd van bewustwording van hun eigen lichaam.

3 tot 4 weken** kan zien en horen. ** reukvermogen sterk toegenomen ** begint vast voedsel te eten ** begint te blaffen, te kwispelen en zijn broertjes en zusjes te bijten.  Vanaf nu gaan de pups  naar buiten achter in de tuin als het droog is anders onder het afdak wanneer het gras/weer te nat is.

4 tot 5 weken** kan goed lopen en rennen, maar is snel moe** zit dingen achterna** laat zijn tanden zien en gromt** begint te klauwen.

 fase 2 nieuwsgierige periode

Die rond de vijf weken begint gaat de macht van het roedel een rol spelen.  Eerst met de andere pups, moeder en andere honden in huis, daarna ook met mensen. Pups moet je nu alleen meenemen naar voren op de bank. De pups nu ook meenemen op straat met de kar, niet lang maar eventjes. In deze periode voortdurend de pups blootstellen aan nieuwe, levensechte prikkels en spanningen. BV in de tuin zetten waar veel verkeer, mensen en lawaai voorbijkomen. Als ze schrikken niks doen ze moeten het zelf uitzoeken. Hoe minder dat je doet, des te beter. Afblijven handen thuis.

Zodra de ochtenddauw opgedroogd is, gelijk de tuin in, gaan ze meteen plassen. Daarna ontbijt, daarna  naar buiten om te spelen en dan naar binnen om te slapen. Daarna weer na buiten, nu de lunch, gaan weer spelen en plassen dan weer na binnen.

5 tot 7 weken** het spenen begint** heel nieuwsgierig**speelt dominante spelletjes met broertjes en zusjes.

Vanaf week 6 wennen aan de bench,  door pups te wennen aan het feit dat ze af en toe een tijdje alleen in de bench moeten zitten. Rond de 7 weken of 8 weken afwisselen, soms alles bij elkaar maar ook allemaal apart in een bench. Hooguit een half uurtje om mee te beginnen. Ze gaan krijsen maar na 10 minuten vallen ze in slaap.  Gooi eerst een brokje achter in de bench,  laat ze ook een dutje doen in de bench daarna gelijk uitlaten buiten.

Na zes à zeven weken begint de moederhond zich wat minder bezitterig te gedragen en accepteert de hulp van andere roedelleden om haar werkdruk wat te verlichten.

Fase 3 gedragsverfijning

7 tot 9 weken** 7 weken alle zintuigen werken** bereid om alles te onderzoeken. ** 8 weken wordt angstig en schrikt snel**is heel voorzichtig met alle nieuwe dingen in de omgeving.   Laat ze nu spelen met een verzameling van interessante speeltjes, dingen waar ze aan kunnen trekken, speeltjes met geluiden, verschillende soorten ballen, buiten in de tuin, laat ze graven ruiken en spelen tussen de planten. Ze hebben de moeder nu niet meer nodig, maar de moeder moet erbij nu leert ze de pups terechtwijzing, niet ingrijpen als de teef gromt,  niks doen en niet reageren. Ook al holt de pup piepend weg. Niet op reageren.

8 tot 9 weken de voorzichtige fase ( Ik ga naar het  nieuwe baasje)

Neem de pups nu niet extra in bescherming, maar help om ze in hun eentje zelfvertrouwen op te bouwen.  Zorg dat de pups veilig zijn, Ga ze niet treiteren of op een andere manier lastig vallen. Ga ze nu niet helpen wat er ook gebeurt laat ze het zelf oplossen, anders krijg je waarschijnlijk een angstige hond. 

 

***De pup meenemen vanaf de fokker.

Zorg ervoor dat de auto zo dicht mogelijk bij de plek staat waar ze afgehaald wordt, anders kan de pup niet met je meelopen. Zodra je bij de wagen bent, moet je een portier of de achterklep openzetten en de pup bij haar nekvel oppakken. Vervolgens zet je haar met haar twee voorpootjes op de stoel, dan zal haar brein haar automatisch ingeven dat ze haar achterpootjes daar ook neer moet zetten. Je hebt haar nu geholpen om deze enorme nieuwe stap te zetten, maar je heb niet alles voor haar opgeknapt. In plaats daarvan heb je samen met haar iets nieuws geleerd. Vervolgens zal de pup de nieuwe omgeving willen verkennen eerst met haar lijf daarna met de neus. Leg dus iets lekkers in de reismand om haar daar in te lokken. Tevens liggen daar al speeltjes in met de reuk van haar moeder en zusjes en broertjes. Zorg ervoor dat ze ontspannen is en zich op haar gemak voelt voordat je het deurtje dicht doet. Je mag echt nooit een opgewonden of angstige pup opsluiten. dat kan uitdraaien op een dwangmatige angst voor de reismand en zelfs verlatingsangst.  Als je pup tijdens de rit blijft piepen kalmeer haar met een geur, en als ze zich ontspant, beloon haar daarna met iets lekkers. Ga niet praten en herhalen met zinnen als  bv alles is goed hoor,  alles komt in orde, en vooral niet met een hoog gemaakt stemmetje baby onzin uitkramen tegen de pup, ga haar nu ook niet oppakken. Wat veel beter is zwijgen en het uitstralen van kalme, zelfverzekerde energie. 

 

***Aankomst thuis.

Zorg ervoor dat je ruim de tijd hebt op de dag dat je de pup gaat halen, zodat je niet ongeduldig hoeft te worden.

Vergeet niet dat de energie die je aan je pup doorgeeft ook haar energie zal worden.  

Doe het op deze manier.

1- Ga eerst met de pup in de omgeving van je huis even wandelen(10 minuten of wat langer), voordat je hem mee naar binnen neemt. Op die manier zorg je ervoor dat er een band tussen jullie ontstaat. Laat haar kennis maken met de geuren de geluiden en de aanblik van je tuin, je huis en de buurt.

2- Als je naar binnen gaat loopt de pup achter je aan, jij gaat als eerste naar binnen en nodig haar uit om ook naar binnen te gaan. Nooit dwingen om naar binnen te gaan. Wilt ze niet gelijk naar binnen gebruik een snoepje, hondenbrokje of een geur en lok haar daarmee naar binnen.

3- Eenmaal binnen laat de pup rustig zijn gang gaan en de geuren van het huis(vertrek) in zich opnemen(rondsnuffelen) de pup zij moet naar de     gasten toe gaan om te snuffelen meer niet.

4- Iedereen bij je thuis, van het jongste kind tot oudste opa of oma, moet bekend zijn met de regel NIET PRATEN, NIET AANRAKEN, NIET KIJKEN en zich daar ook aan houden.  Blijf kalm en doe net of de pup er al jaren is, negeer hem, het is zeer moeilijk voor ons mensen  maar mensen denken nooit aan wat het beste voor de hond is. Daarom zit een  asiel ook tot de nok toe vol. De meeste moeilijkheden zijn met kinderen die gelijk op de grond gaan liggen stoeien, touwtrekken en bijt en krabspelletjes spelen, waarbij de hond te wilt wordt. Dit moet je gewoon voorkomen.

5- Daarna brengt de voornaamste verzorger de pup op zijn plaats of in/naar zijn de bench. Na al deze indrukken is de pup daar wel aan toe.

 LET OP. De pup moet de aankomst in jouw huis associëren met kalmte niet met opwinding. 

 

***De eerste nacht in huis.

Jonge pups hebben veel slaap nodig,  bijna 18 uur per dag als ze nog in de groei zijn.

In de natuur slapen jonge dieren altijd bij hun moeder en hun broertjes en zusjes. Wanneer een pup niet meer bij haar eigen roedel kan zijn, zou het voor haar de beste oplossing zijn in de buurt van een andere hond te slapen. Is er geen andere hond in huis dan gedurende de eerste paar dagen of weken moet je ervoor zorgen dat de slaapplaats van de pup niet te ver weg is van jouw bed, zodat je pup je aanwezigheid nog steeds kan voelen. Misschien kan ze over een maand of twee, drie best alleen beneden gaan slapen, maar tijdens die eerste nacht kan dat paniek veroorzaken.

Op een bepaald moment zal je pup `s nachts wakker worden en gaan piepen. Dit is heel normaal. Je kan nu je pup eruit halen om een plasje te laten doen. Zet ze daarna rustig terug in haar bench, desnoods blijf je er even bij zitten tot ze weer in slaap valt. Nooit dwingen en schreeuwen dat ze moet gaan slapen.  Als de pup blijft piepen nadat je ze rustig terug in de bench heb gezet, mag je ze nooit troosten.  Ze moet nu leren hoe ze dit probleem nu zelf kan oplossen. Als je elke keer als ze begint te jammeren jij haar helpt weet ze al heel snel dat ze jou onder de duim heeft en je op kan laten draven door haar stem te verheffen. Immers jij keurt dat gejank goed omdat jij het positief bekrachtigt door middel van troost, aandacht of iets lekkers. Zo kun je de grondslag leggen voor een nerveus, angstig en afhankelijk hondje.  Wat wel te doen:  tik even op de bench maak een geluid dat je telkens herhaald zodat je pup dit moet leren associëren met iets dat jij niet goed vind. Blijft de pup nu lang stil mag je haar belonen door iets lekkers te geven een stukje bullepees.  Beloon alleen rustig gedrag. De nacht daarna moet je pup haar gedrag al behoorlijk aangepast hebben, of helemaal niet meer piepen.

Als je niet van plan bent om je pup altijd in de slaapkamer te houden, dan zal 3 tot 5 nachten voldoende moeten zijn om haar aan haar nieuwe leefwijze te wennen.  Ook nu kan ze gaan zitten te piepen vanwege een andere slaapplaats zorg er dan voor dat ze moe, onderdanig  en ontspannen is voordat je haar klaarmaakt voor de nacht. Dat is de beste garantie voor levenslange gezonde en plezierige slaapgewoonten.

 

 ***Benchtraining.

Benchtraining is absoluut noodzakelijk voor de pup en ons zelf.  Elke pup moet dol zijn op zijn bench voordat hij bij ons het huis verlaat. Een bench is een kant en klaar eigen hol, een plek waar ze veilig, geborgen en rustig kan gaan liggen. Het zorgt ook voor  een vertrouwde omgeving als er autoritten moeten worden gemaakt of logeren bij vrienden of in een hotel.

Om je pup te leren haar bench te accepteren zijn veel geduld en herhaling nodig, maar het is niet moeilijk. Zet de bench op de plek waar je pup wilt laten slapen.  Niet in een afgesloten vertrek maar een ruimte waarin de pup zich nog steeds lid van het roedel kan voelen. Het liefst in een hoek van de huiskamer. De bench is de belangrijkste plek voor beloningen, wat het ook is maar het moet in de bench  gebeuren.

Begin met de gewenning aan de bench zodra je met de pup thuiskomt. Laat de pup spelen en als ze moe wordt lok je haar naar binnen en sluit haar een half uurtje op. De volgende keer weer wat langer.  Sluit ze nooit op als ze bang of opgewonden is.  Gaat ze later piepen moet je haar negeren  en beloon haar gedrag nooit door haar geruststellend toe te spreken, nee alleen zoals boven in de slaapkamer een tikje op de bench met een geluid dat ze herkend als nee ik moet stoppen. Wacht tot ze rustig wordt loop dan weg en doe of er niets aan de hand is. Doe dat met tussenpozen een paar keer per dag.

 

***Tuinregels.

Als de pup in de tuin gaat maak een gedeelte af met een hek  of een speciale speelruimte waar ze los rond kan lopen een klein gedeelte is genoeg vooral in een grote tuin. De tuin is geen pretpark waar alles is toegestaan. Als een pup op goed geluk door je tuin mag banjeren zonder dat daar perk en paal aan wordt gesteld roept dat alleen maar spanningen bij haar op. Ze  zal zich stuurloos voelen en in plaats van een plek vol vrijheid wordt de tuin een soort gevangenis. Laat een jonge pup nooit alleen in de tuin. Het levert heel veel voordelen op: 1- je voorkomt dat de hele tuin gesloopt wordt 2- de kans op territoriale agressie is veel kleiner 3- er zijn minder prikkels die weer aanleiding geven tot spanningen die op hun beurt weer leiden tot opwinding en geblaf.  Ze krijgen niet de kans om zo opgewonden te worden dat ze tegen mensen opspringen of zich vervelend gedragen tegen bezoekers  en  je tuin blijft een stuk netter. Wat valt daar nu tegen in te brengen.

 

 

***Zindelijk maken zonder drama`s.

Niet doen:  straffen en schreeuwen. Pups begrijpen je toch niet ook al ga je nog zo tekeer.

Wel doen: regelmaat is de beste manier om een pup zindelijk te maken. Zorg dat je pup met regelmatige tussenpozen uitlaat.  Als ze wakker worden, gegeten hebben, gespeeld hebben even naar buiten om te plassen.

Pups worden geboren – ze eten en doen behoefte in hun hok – moederhond houd het schoon – de moederhond stimuleert hun lichaamsfuncties en alles om haar heen blijft schoon – als de pups oud genoeg zijn worden ze samen met de moeder naar buiten gedaan en volgen ze haar voorbeeld en leren ze al snel om hun behoefte in de tuin te doen – op deze manier krijgen alle pups ingeprent dat ze nooit in hun hol of in de buurt van de plek waar ze eten en slapen  mogen plassen en poepen.

Als je pup heeft gegeten, je kunt er de klok op gelijk zetten. Tussen de vijf en dertig minuten zal de pup een grote boodschap moeten doen.  Dus gelijk na het eten en slapen neem je de pup mee naar buiten.  Je blijft erbij in het begin maar later kan de pup alleen in de tuin zijn behoefte doen. Heeft hij eenmaal zijn behoefte gedaan dan is het heel belangrijk om je pup te prijzen.  Hoeft geen uitgebreid gejubel te worden je kunt ook heel rustig je goedkeuring laten blijken. Je hond voelt de positieve energie in je blije en tevreden stilzwijgen feilloos aan. En dat kan een heel wat effectievere manier van communiceren zijn,  dan grote meid te blèren.

In het begin horen ongelukjes er gewoon bij en de enige juiste manier om daar op te reageren is met geduld.  En je mag echt nooit, maar dan ook nooit, terechtwijzen of straffen en je pup met zijn neus in zijn eigen ontlasting moet duwen of hem een klap moet geven als hij toevallig een plasje in huis doet. Daar begrijpt hij echt helemaal niets van.  Blijf in plaats daarvan kalm en zelfverzekerd en neem de pup onmiddellijk mee naar buiten. Als je de pup op heterdaad betrapt gebruik dan weer het geluid dat je gebruikt om nee te zeggen alleen nu leidt je hem af en stopt hij met plassen breng hem nu naar de plek waar hij het wel mag plassen.

 

***Het instellen van regels, grenzen en beperkingen.

Wel doen:  door je pup op jouw voorwaarde kennis te laten maken met je huis, al vroeg te beginnen met bench training en haar terrein de eerste paar weken of maanden te beperken tot een veilige, afgeschutte plek, creëer je de regels, grenzen en beperkingen die het raamwerk zullen vormen voor een zekere, gelukkige toekomst.

Niet doen maar het gaat helaas meestal zo:  de pup komt het nieuwe huis binnen en het hele gezin knuffelt hem, haalt hem aan en praat met hem. Hij krijgt massa`s aandacht en is vaak geen minuut alleen.  Nu wordt het tijd om te gaan slapen en wordt de pup in zijn bench gezet.  Dus nu maakt de pup de overstap van vrijwel onafgebroken aandacht naar absolute isolatie. Die stap is voor een hond veel te groot en veroorzaakt grote spanningen en angst.  Nu zit je opgezadeld met een pup die in zijn bench zit te blaffen en te piepen. Waarom!!  Door alle aandacht van die mensen. De pup wil meer van deze aandacht vandaar dit gedrag.

Pups hebben leiding nodig, op welke manier kun je die pup nu vriendelijk en eerlijk en in een taal die ze begrijpt uitleggen wat die beperkingen zijn.

De moederhond probeert haar niet om te kopen door goed gedrag met iets lekkers of met liefkozingen te belonen. Ze zet geen jammerend of slijmerig stemmetje op.  Ze corrigeert het gedrag van haar kroost met behulp van kalme, zelfverzekerde energie ; lichaamstaal, oogcontact en aanrakingen. De pups begrijpen altijd precies wat ze wil.

Mensen corrigeren een pup met geërgerde, nerveuze of boze energie, impulsieve bewegingen( bv veel lawaai van de hond, nee hou op stoute hond te roepen) ze blijven dit maar herhalen en uiteindelijk werpen ze dan de handen in de lucht van verbazing dat hun pup niet luistert.  Werkt dus niet,  is een verkeerde aanpak.

Wat moeten wij doen, dat we ervoor kunnen zorgen dat onze honden ons beter begrijpen.  We moeten ons best doen om met de honden in hun eigen taal te communiceren.  We moeten ongewenst gedrag op een meer hondse manier benaderen.

Hoe doen we dat:

1- Door gebruik te maken van  onze eigen energie ( denkbeeldig toneelspelen – denk dat je zegt tegen je hond nee, stop, niet verder nu, en je gelaat uitdrukking is dan ook zo van nee niet verder nu, kijk daarbij wat strenger, maar blijf altijd kalm en zelfverzekerd overkomen. Zie 2-)  WERKT PERFECT.

2Door je energie en bedoeling middels oogcontact door te geven.

3- Door je lichaam en lichaamstaal te gebruiken. Bv een pup springt op je schoot en dat wil je niet, duw hem nu stevig opzij. Blijf kalm en zelfverzekerd, en niet praten tegen je pup.

4- Door de hond aan te raken om je ongenoegen te uiten. Dit doen de honden ook onder elkaar. AANRAKEN BETEKEND NOOIT OFTE NIMMER SLAAN. Maar een licht tikje( Met een gebogen hand ) aan de zijkant van zijn hals of op zijn flanken is genoeg.  Zie het zo: een licht tikje waarmee je bv in een donkere bioscoop de aandacht van een vriend probeert te trekken.

5- De timing van zo`n terechtwijzing is cruciaal. Het moet precies op het moment gebeuren dat de overtreding wordt gemaakt en eindigen op het moment dat de pup zich ontspant en van gedrag veranderd.   Fout is:  10 seconde later ,na de overtreding je pup dan terechtwijzen, je pup weet nu niet wat er gaande is en wordt terecht gewezen op het moment dat hij niets verkeerd doet.  Je pup zal op deze manier alleen maar bang en schrikachtig worden.

6- Kies ( maak )een kort geluidje bv tssss, en gebruik deze altijd voor: dat je hond iets niet mag doen. Kies een ander geluidje en gebruik deze voor dat het goed is, of kom, braaf. Wat voor een kort geluid je maakt dat maakt niets uit als het maar altijd het zelfde is.

7- De timing van het geluid is essentieel.  Het beste bij aanvang van ongewenst gedrag.

8- Probeer niet de hond te corrigeren door zijn NAAM te gebruiken.   Zijn naam moet een positieven reactie oproepen en geen negatieve reactie. ( Wat zou je zelf doen als je steeds wordt terechtgewezen en ze roepen ook nog je naam, ik zou zeggen bekijk het maar, je hond dus ook.

 

***Hoe je in een gezin iedereen doet mee je pup onder controle houd.

1- Stel in gedachte voor hoe je pup volgens jou moet gedragen.

2- Laat voortdurend en duidelijk blijken dat dit het gedrag is wat je van haar verlangt. Doe dit door je eigen energie en door je lichaamstaalWordt door je pup ook sneller begrepen, dan gesproken bevelen.

3- Negeer kleine overtredingen door de techniek vanniet praten- niet aanraken- niet aankijken.

4- Corrigeer duidelijk verkeerd gedrag consequent en onmiddellijk. Zorg altijd dat je kalme, zelfverzekerde energie uitstraalt.

5- Beloon goed gedrag – met genegenheid- iets lekkers. Nog beter is laat zwijgend blijken dmv een glimlach, blij te kijken dat je tevreden bent. Je pup voelt en begrijpt dat meteen.

 

***Voldoening.

Elke hond en elke pup heeft in deze volgorde behoefte aan:

1- Lichaamsbeweging – minimaal twee gestructureerde wandelingen met een roedelleider.

2- Discipline – duidelijk aangeven en consequent doorgevoerde regels, grenzen en beperkingen.

3- Genegenheid – lof, lekkere hapjes, spelletjes, of zwijgzaam.

 

***Leren lopen aan de lijn.

**** Met een pup naar buiten gaan om een eindje te wandelen hoort een van de allerleukste dingen in het leven te zijn.

Je pup is geprogrammeerd vanaf zijn geboorte tot een maand of acht altijd haar roedelleider te volgen. Zodra de natuurlijke moeder buiten beeld is, word jij bij gebrek aan beter de roedelleider van de pup en als jij haar benadert met dezelfde kalme, zelfverzekerde energie waaraan ze al sinds haar geboorte aan gewend is, zal je pup automatisch achter je aan lopen als jij wegloopt.

Leer haar vanaf het prilste begin wennen om aan de lijn te lopen, maar dan wel op een manier waarop de lijn nauwelijks merkbaar is en alleen positieve gevoelens bij de pup opwekt.  Niet meer dan vijf minuutjes, twee keer per dag.  Bv met een brokje vlak voor hun neus om ze zover te krijgen dat ze naar voren komen.

Tijdens het spelen kan je ook een kort lijntje om haar nek doen wend ze gelijk tijdens het spelen aan het onnatuurlijke gevoel van iets om haar nek.

*** zorg ervoor dat de pup naar het hulpmiddel toe komt, i.p.v het dier te dwingen dat hulpmiddel te aanvaarden. Kost in het begin meer tijd en geduld. Laat het hulpmiddel bekijken door je pup en zodra ze rustig en ontspannen is kan je het bandje omdoen. Als ze ontspannen blijft mag je haar belonen door aan te halen, te prijzen of iets lekkers te geven.  Zorg er altijd voor dat de pup naar jou toekomt als het tijd is om uitgelaten te worden.

 

***De juiste manier van uitlaten.

In het begin zal ze niet zo ver weg willen van huis.  Vergroot de afstand van wandelen geleidelijk aan. Dwing haar niet om verder weg te gaan dan volgens haar instinct veilig is.

1- Zorg altijd dat je kalm en zelfverzekerd aan het uitlaten begint.

2- Ren niet met het hulpmiddel dat je gebruikt achter je pup aan. Laat je pup naar het hulpmiddel toekomen.

3- Zorg ervoor dat je pup kalm en onderdanig naast je blijft  wachten en STAP ALS EERSTE NAAR BUITEN. Vraag daarna je pup om te volgen met een gebaar ( beweeg je hoofd naar rechts bv ).

4- Houd de lijn op een rustige, ontspannen manier vast. Hoofd omhoog schouders naar achteren. Als de pup begint te trekken geef dan een kort rukje aan de lijn, laat het daarna gelijk weer vieren zodra de pup gehoorzaamt.  Je pup moet achter of naast je lopen, niet opzij laten trekken, ver vooruit lopen en slepen/trekken.

5- Als de pup afgeleid wordt – geen zin heeft om door te lopen – of om je heen gaat drentelen gebruik dan bv een pens staafje dat je verborgen in je hand houdt en daarna voor haar neus houdt, de aandacht is gelijk weer bij jou en ga gelijk verder door met lopen.

6- Als de pup opgewonden raakt door iets om haar heen – blijf kalm en zelfverzekerd en loop gewoon door. Een correctie door de lijn iets opzij te trekken is waarschijnlijk al genoeg.  Als het niet werkt zet  dan de pup met haar kont naar het opstootje toe en zoek oog contact met haar. Wacht tot ze ontspant en loop dan verder. Laat je niet afleiden.

7- Als de wandeling goed is verlopen, gun dan je pup de vrijheid om aan het eind van de wandeling een beetje rond te laten snuffelen. Dat is een beloning. Vervolg na een paar minuten je gestructureerde wandeling.

8- Thuis aankomend- STAP ALS EERSTE WEER NAAR BINNEN - en laat je pup rustig staan aan de voordeur voordat je naar binnen gaat. Eenmaal binnen zorg ervoor dat ze kalm is voordat je de riem afdoet.

 

***Verbondenheid door te spelen.

Spelen met je pup  is een verrijking voor haar leven en de verbondenheid tussen hond en baas zal groter worden.

Pups beginnen al te spelen zodra ze kunnen lopen.  Maar zelfs hun eerste onhandige pogingen tot ontspanning kennen hun eigen regels, grenzen en beperkingen.

Spelen betekend niet: toestaan dat hun pup door het dolle heen raakt. Veel beter is voor de opvoeding van je pup: dat een spelletje niet alleen lichamelijk maar ook geestelijk uitdagend is en als je ervoor zorgt dat de zaken niet volledig uit de hand lopen.  VB je kind gaat naar de voetbalclub en houd zich aan de regels is positief. Of laat je binnen de kinderen door het huis razen en maken ze alles kapot is destructief.  Beide bezigheden kunnen als spel worden omschreven.

Er zijn twee manieren o waarop een hond kan spelen:

1- Het feit ze is een hond.

2- Welk ras

**** We moeten leren die twee manieren van elkaar te onderscheiden, want alleen dan kun je ervoor zorgen dat het spelletje leuk blijft en dat ze er iets van opsteekt.  In tegenstelling tot een chaos die volkomen uit de hand loopt en die ongewenste ras gebonden eigenschappen van je pup kan oproepen.

1- Het feit ze is een hond

 2- Alle honden vinden het heerlijk om te rennen, ze vinden het prachtig om ergens achteraan te hollen ( apporteren ).   Alle honden kunnen apporteren leren en alle honden kunnen met behulp van hun neus een spoor volgen.

3- Graven: maak een klein gedeelte in de tuin waar je de hond kan laten graven, lust voor het oog en kost ook een hoop energie voor je hond.

4- Hindernis baan:  een lege doos, oude autoband, hekjes/paaltjes in figuur wegzetten. Alles is mogelijk laat je fantasie werken en hoeft bijna niets te kosten.

 

2- Nadruk op het ras

Standaard ruw haar teckels zijn jachthonden, die door de mens gefokt zijn om  prooidieren die bij de jacht gedood zijn op te sporen en terug te brengen. Als het om apporteren gaat, hebben standaard ruw haar teckels alle ingrediënten in hun genen. Maar zelfs dingen die aangeboren zijn, gaan niet altijd vanzelf.  Gaat apporteren niet goed en alles geprobeerd er is een veel simpeler minder bewerkelijke manier om de aangeboren kunst van het apporteren bij een standaard ruw haar teckel naar boven te halen. Je moet ervoor zorgen dat jij de roedelleider bent en de leiding over het spel houdt door de band die je met je pup hebt.  Hoe dan: d.m.v  oogcontact.  Pak een bal en houd deze vast, trekt meteen de aandacht van je hond, wacht daarna tot hij zit/staat, actief onderdanig is en je aankijkt in afwachting  van een teken van mij. Pas als er volledig oogcontact tussen ons beide is en hij duidelijk zit te wachten gooi dan de bal pas weg. Niet weggooien als hij te enthousiast is en als hij te geobsedeerd is op de bal. Het mag nooit dwangmatig gedrag worden. Ga niet verder met het spel als hij de bal niet terug brengt .  het spel begint en eindigt door ervoor te zorgen dat de hond ontspannen voor/naast je zit.

Soms wil je niet een specifieke, ras gebonden eigenschap van je pup naar boven halen, integendeel, je wilt deze onderdrukken.  Dan is het belangrijkste in een hondenleven het aanleren van grenzen en beperkingen wat wel mag en wat niet. In eerste plaats d.m.v. communicatie, energie, lichaamstaal en dan pas geluid. Als je hond geen bevelen kent blijf dan consequent, je hond zal snel je gedrag begrijpen en hij doet wat zijn baasje wilt. Beloon hem wel.

 

***Het zwijgende bevel LAAT LOS.

Opeisen van ruimte betekent dat je je lichaam, je geest, en je energie gebruikt om bezit te nemen van alles waar je zeggenschap over wenst te hebben.  Je creëert een onzichtbare ruimte om een persoon, een plaats of een voorwerp dat aan jou toebehoort.  BV een ruimte waar een pup pas mag komen als jij er toestemming voor geeft.  WAT!! !!  nou,  denk echt en speel maar toneel in je gedachten, nee daar mag je niet komen puppie en wijs met je arm waar hij wel naar toe moet. Kijk hem aan, blijf kalm en kijk ook met een blik op je gezicht van nee( lichaamstaal). Deze energie en lichaamstaal  is genoeg om je pup duidelijk te maken oke ik ga waar jij wilt. HET WERKT ECHT.

Om je pup zover te krijgen om een voorwerp los te laten,  gaat precies het zelfde,  alleen met je energie en lichaamstaal zoals hierboven geschreven.

NOOIT DOEN:

1- Trek je hand of voorwerp nooit weg bij je pup en trek je pup nooit weg van een plaats, een persoon of een voorwerp.  Als je dingen wegtrekt voor de pup is dat juist een uitnodiging om er de strijd voor aan te gaan, of een uitnodiging om te gaan spelen. Het roofzuchtige instinct zal het alleen maar bevorderen en haar opwinding verhogen.  WEL DOEN: vastberaden naar de pup toe stappen en haar strak aankijken, tot ze gaat zitten/staan of zich ontspant.  Weer de energie en lichaamstaal.

2- Touwtrekken, geef geen enkele hond het idee dat ze (met mij) een strijd aan kan om uit te maken wie de sterkste is.  Brengt alleen maar het roofdier naar boven met later alle verkeerde gevolgen.

3- Bezitten, geef je hond nooit het idee dat hij iets kan bezitten wat van jou is.

 

 

***Africhten.

Door ze op de juiste manier van uit te laten, grenzen af te bakeren en met ze te spelen hebben we een verbondenheid en een vermogen om met onze pups te communiceren gekregen en daarmee een goede basis gelegd voor het africhten van de pup.  Bijna iedereen gebruikt woorden als , kom, naast, zit, sta, blijf, hele verhalen en nog veel meer, maar voor een hond zijn woorden alleen maar geluiden.

Maar voedt je de pup op met behulp van energie, lichaamstaal, aanraken of heel eenvoudige woordjes in die volgorde heeft dat grote voordelen namelijk minder geluid is minder opwinding van je pup.  Veel mensen zien opwinding van je pup/hond aan voor blijdschap maar in werkelijkheid is je pup hyperactief en overdreven opgewonden, daardoor zal hij veel meer moeite hebben om iets te onthouden wat jij hem probeert bij te brengen.  Ga eerst lopen en maak hem moe, daarna trainen werkt stukken beter.

Het ander voordeel van zwijgen is:    je communiceer met je hond op een manier die veel dichter ligt bij de manier waarop de honden met elkaar communiceren.   Je pup geeft de hele dag signalen door aan jou, (helaas luisteren wij slecht),  Als de pup het gevoel heeft dat er niet naar haar geluisterd wordt waarom zal zij dan naar ons luisteren.  Door wel naar haar te luisteren open je de deur naar een fantastische mogelijkheid:  dat je een echte intieme relatie met haar krijgt.                                

Toch willen de meeste mensen er zeker van zijn dat hun pup naar bepaalde bevelen of in ieder geval naar geluiden luistert.  Het is ook zo je hond kijkt je niet de hele dag aan. En als ze groter wordt loopt ze wel eens verder van je vandaan. Ze kan je energie dan niet voelen en je lichaamstaal niet lezen dus zullen we  geluid moeten maken om onze wensen kenbaar te maken aan haar. Wat voor een geluid moeten we maken:  wat je wilt, alles is goed, maar hou het woord kort,  liefst één woord gebruiken.  Bv als hij moet komen roep je /fluit je, wanneer hij er is, zeg dan je sta/zit. Meer mag je niet zeggen. Dus niet op deze manier:  Peer(zijn naam) kom hier , hier,  peer luisteren kom hier. Zijn naam wordt nu negatief gebruikt, immers hij moet nu komen en hij wil waarschijnlijk helemaal niet komen. Zijn naam alleen gebruiken als het positief is, alleen dan gaat hij luisteren.

Africhten heeft niets met onderdrukken te maken. Het belangrijkste bij africhten is dat je consequent bent en een doel voor ogen moet hebben. Plezier tijdens het africhten is de belangrijkste motivatie voor een pup. Begin gelijk na binnenkomst met africhten.

 

***De sociale pup omgang met zowel honden als mensen.

Een goede puppy cursus zou de nadruk moeten leggen op goede manieren, het cultiveren van een kalme,  onderdanige energie en het aanleren van een correct sociaal gedrag.  Al leer jij je pup om hem te laten zitten, te blijven, naast je lopen, je krant te halen en ga zo maar door, heeft hij geen goede sociale verstandhouding met mensen en andere honden dan heb je geen evenwichtige pup. Als je pup niet evenwichtig is zal hij niet opgroeien tot een hond die volop kan genieten van een vreugdevol en avontuurlijk leven.

Wanneer je pup een nieuw persoon ontmoet, moet deze zich ook aan de regel houden niet praten, niet aanraken, niet aankijken.  Zie daar zelf op toe. De pup moet eerst de kans krijgen nadat je hem daarvoor toestemming geeft om als eerste te gaan snuffelen aan de nieuwe persoon. Waarom- onze pup rekent erop dat wij ervoor zorgen dat hun niets kan overkomen en dat we naar hen luisteren als ze liever  willen dat een nieuw persoon zich tijdens de eerste ontmoeting wat terughoudender opstelt.

Waarom moet je voorkomen dat iedereen die je tegen komt de pup wilt aanhalen of zich op de pup willen storten. De pup wordt mogelijk overdonderd, raakt gespannen en begint in zich zelf gekeerd te raken. Wij zeggen dan: hij is nog een beetje schuchter het is nog een pup. NEE, op deze manier kan je pup opgroeien tot een bang dier en zelfs een angstbijter worden. Laat je pup alleen aanhalen wanneer iemand rustig, kalme energie uitstraalt en alleen wanneer de pup het ook zelf wilt.

Diverse manieren om het socialisatieproces bevorderen zijn bv:

1- Nodig gezonde volledig ingeënte en evenwichtige oudere hond van een kennis uit om bij jou thuis met je pup te spelen. Als de pup of de volwassen hond zich aanvankelijk terughoudend opstelt, pak je pup dan in zijn nekvel op en houd hem bij de andere hond onder zijn neus, eerst met zijn achterste. Laat de volwassen hond de pup besnuffelen tot hij zich ontspant en zich op zijn gemak voelt.

2- Schrijf je pup in voor een échte puppycursus. Waar ze de orde handhaven.

 

 ***De hond is al wat ouder geworden.

 

Eenmaal voor een hond gekozen prima,  dan hieronder toch een paar huisregels,

je kunt zelf de regels bepalen waaraan je hond bij jou thuis moet voldoen, maar er zijn een paar algemene regels om je status als roedelleider intact wilt houden.

1- Sta op wanneer jij dat wilt, niet wanneer hij dat nodig vindt.

2- Begin de dag zonder hem aan te raken of uitgebreid toe te spreken, bewaar die genegenheid tot na de wandeling.

3- Zorg dat je hond kalm, onderdanig en stil is wanneer je hem te eten geeft en voer hem nooit wanneer hij staat te stuiteren.

4 - Je hond mag niet bedelen als je aan tafel zit. Als de roedelleider eet valt niemand hem lastig. In de natuur gaat het net zo.

5-  Na lichaamsbeweging en eten is het tijd voor genegenheid. Alleen als hij kalm en onderdanig is.

6- Maak nooit kenbaar over het feit dat je het huis uitgaat. Zorg dat hij kalm en onderdanig is ( een stevige wandeling van te voren, is hij lekker moe dus tijd om te gaan slapen ) wanneer je vertrekt of weer binnenkomt. Zodra hij is waar jij hem wilt hebben, moet je niet meer tegen hem praten en hem ook niet meer aanraken of oogcontact met hem maken. Het mag je nog zo zwaar vallen, je moet koel zijn tegenover je hond en alleen maar kalme, zelfverzekerde energie uitstralen. Wanneer hij huilt of jankt wacht misschien even tot je hond kalm genoeg is om weg te gaan, maar wees geduldig en zorg dat hij doorkrijgt wat de routine is.

7- Zodra je thuiskomt, ga niet gelijk knuffelen en moedig overdreven enthousiasme niet aan. Ga gelijk even met je hond wandelen. Dit keer mag het korter zijn.

8- De slaapplaats van de hond moet van tevoren duidelijk vaststaan. Als je wilt dat je hond bij je op bed slaapt, prima. Het is een geweldige manier om een band met je hond te krijgen.

9- Ieder mens van het gezin moet een roedelleider zijn. Dat betekent dat ieder menselijk lid van de familie de zelfde regels, grenzen en beperkingen moeten hanteren.

10-  Sta niet toe dat hij speeltjes en zijn voerbak gaat verdedigen.

11- Sta niet toe dat er ongecontroleerd geblaft wordt. Meestal het gevolg van geestelijke of lichamelijke frustratie. Dit moet een hond zijn die snakt naar fysieke arbeid en een actieve roedelleider. Je hond probeert je met dat geblaf iets te vertellen. Luister naar hem.

 

***Juiste manier om kennis te maken met een hond

Is vooral niet naar haar toe te gaan. Maak de eerste keer geen oogcontact. Blijf kalm en zelfverzekerd en laat de hond naar jou toekomen. Hij gaat je besnuffelen, blijf kalm en laat de hond zijn gang gaan. Zodra de hond zijn neus tegen je aan drukt of tegen je aanwrijft pas dan mag je haar een teken van genegenheid geven. Wacht met oogcontact tot je elkaar een beetje meer kent.

 

***Thuiskomen met een hond (geen puppy)

Het allereerste wat je doet als je bij je huis aankomt, is hem meenemen op een lange wandeling die minstens een uur in beslag neemt door zijn nieuwe omgeving. Door deze wandeling begin je een vertrouwensrelatie op te bouwen en bevestig je je positie als roedelleider. En natuurlijk zorg je ook dat hij vermoeid raakt, zodat hij meer geneigd zal zijn om je te gehoorzamen als je hem mee naar binnen neemt. Zorg ervoor dat jij als eerste naar binnen gaat. Vervolgens nodig je de hond uit om binnen te komen. Zijn er andere mensen aanwezig in huis deze moeten rustig/ kalm, zelfverzekerd blijven staan, breng nu de hond naar hen toe en laat hem kennis maken met hen maken en hun geur in zich opnemen. Haal hem alleen aan zodra de hond rustig is en zich in zijn bench opmaakt om te gaan slapen. Maar vergeet nooit dat het niet die liefdevolle energie is, maar juist de energie die jij als leider uit moet stralen die maakt dat je hond zich bij jou veilig en op zijn gemak voelt. De volgende dag moet je meteen beginnen met wat de vaste routine van je hond zal worden. `s morgens vroeg een lange wandeling, dan eten, dan pas genegenheid, dan rusten.

***Bezoek

 Als zich bezoek meldt, zorg dan dat je hond meteen ophoudt met blaffen en kalm en onderdanig blijft zitten terwijl de persoon binnenkomt. Sta niet toe dat hij tegen het bezoek opspringt. Vertel tegen iedereen die bij je binnenkomt dat ze de hond moeten negeren, niet aanraken, niet praten, geen oogcontact bij binnenkomst. Herhaal dit gedragsritueel bij iedere nieuwe persoon die je hond ontmoet. Een hond hoort bezoekers beleefd te begroeten door te besnuffelen, honden begroeten andere honden ook niet door ze te bespringen, dan ook niet tegen mensen. Als een hond wordt genegeerd komt ze soms al binnen een paar seconde tot rust komen.

 ***Een evenwichtige hond in huis.

Zal je voor de volgende 3 dingen moeten zorgen en in deze volgorde.

1- Lichaamsbeweging,  om je hond gelukkig te maken is dit het enige waar je niet onderuit kunt komen, helaas blijven wij vaak in gebreke. Je hond moet wandelen. Elke dag. Minstens twee keer per dag en minimaal een half uur per keer.  De wandeling is de basis van onze onderlinge relatie en je bouwt een band met je hond op als haar roedelleider. Een vast regelmatig patroon van uitlaten is van het grootste belang. ***

Er is maar 1 manier om je hond uit te laten, als de eigenaar leiding geeft  dan loopt de hond gehoorzaam naast of achter het baasje. Simpel maar vastomlijnd. De lijn een eenvoudige, korte lijn. De halsband tegen de kop van de hond aanzit en niet in de nek. De hond mag de halsband pas zien als hij kalm en onderdanig is. Voordat je naar buiten gaat moet de hond kalm en onderdanig zijn. U stapt als eerste naar buiten niet uw hond. Op deze manier geef je je hond te kennen ik ben de roedelleider. Niet alleen binnen ook buiten. Als je eenmaal onderweg bent mag de hond niet stil blijven staan om te snuffelen. Alleen als u toestemming geeft dan pas mag de hond doen wat deze wil doen. Je moet de lijn stevig vasthouden maar met een ontspannen arm. En heel belangrijk is dat je geen moment je kalme, zelfverzekerde houding mag vergeten. Honden willen van nature een kalme, zelfverzekerde leider volgen. Zodra jij die rol opeist, lopen ze automatische achter je aan.

2- Discipline, betekend regels, grenzen en beperkingen. Je hebt huisregels ingesteld voor je kinderen. Waarom zou je dan niet hetzelfde doen voor je hond.  Zo toepassen als het om honden gaat, het is mijn taak om ze wakker te maken, wanneer ze kunnen eten en hoe ze met elkaar omspringen. Ik bepaal de regels, de grenzen en de beperkingen. Discipline is geen straf het zijn regels. Je mag nooit toestaan dat de hond tegen je opspringt, en ook niet tegen andere mensen, als je het huis binnen komt. Je mag niet toestaan dat je hond gaat janken als jij niet in de buurt bent. Bezitterigheid  ten opzichte van speeltjes is verboden, net als happen en bijten en op het bed springen om jou wakker te maken, agressie ten opzichte van mensen andere honden of andere dieren.

3- Genegenheid, wanneer is de juiste tijd om genegenheid te geven. Als een hond lichaamsbeweging heeft gehad en heeft gegeten. Als een hond haar ongewenste gedrag heeft veranderd in het gedrag dat jij van haar vraagt. Als een hond zich aan de regels houdt of een bevel opvolgt. Wanneer de hond geestelijk kalm en onderdanig is pas dan schenk je haar genegenheid, op het moment dat jij bepaalt. Wanneer mag je absoluut geen genegenheid tonen.  Als je hond angstig is, bezorgd, bezitterig, dominant, agressief, jankt, bedelt, blaft of de huisregels overtreedt.

***Een blije hond

Is alert, haar oren zijn gespitst, ze houdt haar kop omhoog en kwispelt. Een overdreven opgewonden hond springt tegen je op, ze hijgt en ze kan geen moment stilstaan, dat is opgekropte energie. Hyperactieve honden hebben lichaamsbeweging nodig en niet te weinig, dit moet eerst gebeuren voordat  ze beloond worden. Ga eerst wandelen, fietsen, hardlopen met je hond daarna pas eten. De beloning is nu eten. Daarna als ze geestelijk kalm is kun je haar aanhalen.

***Een hond belonen op het juiste moment.

Een van de meest voorkomende manieren waarop wij onze honden verpesten en er probleemhonden van maken we belonen ze op het verkeerde moment. We halen ze aan op momenten dat het brein van de hond volkomen labiel is. Mag ik haar dan niet meer aanhalen? Jawel maar ze hebben daar in de eerste plaats geen behoefte aan, zeker niet als het om probleem honden gaat. Als je onevenwichtig bent kun je niets met liefde, dan voel je gewoon niets. Geef je hond vooral zoveel liefde als je op kunt brengen, maar alsjeblieft wel op het juiste moment. Toon je hond genegenheid om haar te helpen en niet alleen maar omdat jij er behoefte aan hebt. Door op het juiste moment en alleen dan te tonen dat je van haar houd, bewijs je dat je echt van je hond houd. Geen woorden maar daden. Honden hebben eerst leiderschap nodig dan pas liefde.

***Elk roedel kent maar 2 rollen

leider – dominant – de mens  en  volgeling – onderdanig – de honden.

Als een hond met een mens samenleeft is die mens verplicht – te alle tijden – de rol van roedelleider op zich te nemen als zij het gedrag van die hond onder de duim wil houden. Zo simpel is het. Als de hond de leider wordt van de mens heeft dat vaak rampzalige gevolgen voor zowel de hond als de mens. Een hond is het beste af als zijn gemoedstoestand kalm en onderdanig is. Dominantie wordt bepaald door een aangeboren hoog of zeer hoog energieniveau die tevens kalm en zelfverzekerd is, het geslacht maakt niets uit. Als je een van natuurlijke dominante hond hebt, moet je zo snel mogelijk , zo vaak mogelijk en zo overtuigend mogelijk je autoriteit onderstrepen.

1- Als je hond tegen je opspringt als je thuis komt is dat niet omdat hij blij is je te zien, maar omdat hij de roedelleider is, is  dominant gedrag, is niet natuurlijk voor een hond. En niet gezond. Dat mag je niet toestaan

2- Als hij als eerste naar buiten stapt om uit te laten, dan is dat niet omdat hij het zo fijn vindt om te gaan wandelen, maar omdat hij de roedelleider is.

3- Als hij tegen je blaft omdat hij gevoerd wil worden dan is dat niet schattig, hij is de roedelleider.

4- als je slaapt en hij maakt je wakker , ik wil uit ik moet plassen dan toont hij al voor zonsopgang wie er de baas in huis is, elke keer als hij je iets laat doen is hij de roedelleider.

Dus terug stappen en negeren als hij tegen je aan sprint. Als eerste naar buiten stappen. Geen voer geven als hij blaft alleen wanneer hij rustig is. Gewoon wakker worden wanneer jij dat wilt.

Je kunt jezelf alleen waarmaken als roedelleider als je corrigeert op het moment dat hij zich misdraagt. Dus neem de leiding in huis voor de 100% en jij bent de roedelleider. In huis kan iedereen een roedelleider zijn. In feite is het zelfs noodzakelijk dat alle mensen in huis de roedelleider van de hond zijn van het kleinste kind tot volwassene.

 

***Een hond die verwend en overladen wordt met genegenheid, raakt uit zijn evenwicht.

Door hem te vermenselijken brengen we hem zelfs geestelijke schade toe. Je veroorzaakt hierdoor psychische problemen bij de hond.

Honden met problemen zijn allemaal problemen en afwijkingen die ontstaan als het dier en de hond in haar gefrustreerd raken. Oorzaak is energie. ( zenuwachtig, gespannen, opgewonden, angstig, agressief, dominant, paniekerig )

Dit  lost je niet op door middel van een traditionele training, sterker het kan af en toe meer kwaad dan goed. het is niet zo dat als je een hond leert om te gehoorzamen op bevel, de problemen verdwijnen. Een veelvoorkomend, maar gevaarlijk misverstand. Dit komt omdat traditionele hondentraining is gebaseerd op mensenpsychologie. Er wordt totaal geen rekening gehouden met de aard van een hond.

Ook het ras van de hond maakt niets uit als het gaat om probleemgedrag. Een hond wordt ook niet evenwichtiger als je hem materiële dingen geeft. Dat bereik je alleen maar door hem de kans te geven de fysieke en psychische kanten van zijn wezen volledig te  ontplooien. Opgekropte energie kan bij je hond ook aanleiding zijn om gefixeerd te raken of dwangmatig gedrag te tonen. Dat kan van alles zijn, van een tennisbal tot een kat, maar het is geen natuurlijk gedrag en ook niet goed voor je hond. Vb  de hond zit heel de dag omhoog te kijken naar een kat in de boom en raakt gefixeerd door een kat in de boom die zich niets van de hond aantrekt. De ogen van de hond blijven strak op het andere dier gevestigd, de pupillen zijn vergroot en het kan voorkomen dat de hond erbij kwijlt. Uit haar lichaamstaal spreekt spanning. De hond reageert nu nergens meer op, ook niet op een bevel van de eigenaar. Fixatie is vergelijkbaar met een verslaving bij mensen en kan net zo gevaarlijk zijn. Oplossing ga wandelen, hardlopen of fietsen met je hond. 

Wat niet werkt: verbaal af leiden(tegen praten), de hond wordt er alleen maar drukker van.

 

***Nerveuze en angstige honden zijn meestal de lastigste gevallen.

 I.P.V  schreeuwen wat niet werkt , ze hebben geen flauw idee wat je zegt als je tegen ze schreeuwt, het enige wat tot ze doordringt is jouw opgewonden, onevenwichtige energie die ze bang maakt of in verwarring brengt. gewoon zwijgend met een kalme en zelfverzekerde houding op haar aflopen, zonder te praten, aanraken en zonder oogcontact te maken,  de band rustig omdoen.

 ***Eenmaal op straat krijgt de hond dan een angstaanval: wat nu!

Niets doen alleen op zijn plaats houden, blijf zelf kalm, sterk en ongedaan door zijn reactie. Stel hem niet gerust en troost hem niet met lieve woordjes alleen rustig bij hem blijven net zolang tot hij zijn oude emoties heeft verwerkt,  je ziet de hond na een tijdje weer kalm worden ga daarna weer gewoon met hem lopen desnoods een paar keer op en neer voorbij waarvan hij geschrokken is. Zolang wij maar sterk en consequent leiderschap vertonen kunnen ze de volgende stap nemen en vrijwel elke fobie overwinnen die ze hebben opgedaan. Net als een dieet gaat kalm en zelfverzekerd leiderschap pas werken als je het elke dag toepast.

Een hond kan een fobie krijgen van alles en nog wat. Fobieën zijn kort gezegd angsten die een hond niet van zich af heeft kunnen zetten. De juiste manier om te reageren op een fobie van je hond is hem leiding te geven. Ten eerste moet je ervoor zorgen dat de hond zijn energie kwijt raakt. Ais een hond moe en ontspannen is wordt de kans veel kleiner dat die ziekelijke angst de kop op steekt. Ze zal ook veel beter reageren op een sterke roedelleider die haar kan helpen over haar angst heen te zetten.

***Hoe groot de macht van het roedel die evenwichtig is bij heropvoeden van een onevenwichtige hond:

Heel groot,  de roedel spoort de nieuwkomer aan om ook dat geestelijke evenwicht te vinden. Hierdoor gaat het genezingsproces aanzienlijk sneller dan een menselijke trainer. De roedelmentaliteit van je hond is een van de belangrijkste natuurlijke krachten die meespelen in het sturen van zijn of haar gedrag. Het roedel van een hond is voor hem van levensbelang. Het roedelinstinct is zijn oerinstinct. Zijn status in het roedel is zijn ik, zijn identiteit. De behoefte om het roedel stabiel te goed functionerend te houden is bij iedere hond een sterke drang – waarom – het staat in het brein gegrift. Daar hebben de evolutie en moeder natuur wel voor gezorgd.

De honden zijn alleen maar zo lastig omdat de eigenaren dachten dat ze mensen warenZe kregen de kans niet om dier te zijn. Al verwen je ze, geef je het beste eten, het beste onderkomen, de beste verzorging, bedolven onder genegenheid. Helaas dat willen ze eigenlijk helemaal niet,  ze willen gewoon hond zijn.

 

De genen van onze viervoeter gillen van verlangen om samen met  de roedel naar buiten te gaan om nieuwe gebieden te verkennen en rond te zwerven.

 5 minuten uitlaten voor poepen en piesen volstaat niet voor een hond ze krijgen daardoor een frustratie die ergens moet blijven en daardoor krijg je dus weer problemen met je hond.

Communiceren met je hond d m v energie i p v babytaal te gebruiken, je longen uit je lijf schreeuwen, dit werkt echt niet. Wat wel werkt is energie.

Alle dieren communiceren constant door middel van energie. Energie is het zijn. Energie is wat je bent en wat je doet, op een bepaald moment.  Zo zien dieren je. Zo ziet je hond je. Je energie op dat moment bepaalt wie je bent.

Als jij niet de energie uitstraalt van een leider naar je hond toe dan neemt de hond de leiding over jou, met alle gevolgen van dien.

 Een hond heeft maar een paar seconde nodig om te bepalen wat voor soort energie jij uitstraalt, dus is het heel belangrijk dat je consequent bent. Tegenover je hond moet je altijd een kalme, zelfverzekerde energie uitstralen. Een kalme, zelfverzekerende leider is ontspannen maar er tegelijkertijd ook altijd van overtuigd dat hij/zij de touwtjes in handen heeft.  Een klassieke fout die bijna alle hondenbezitters maken is dat de hond als eerste door de deur naar buiten stapt, maar degene die als eerste naar buiten stapt is de leider, je hond heeft behoefte aan een roedelleider( en dat ben jij ) dan aan een kameraad. In de natuur bepaalt een roedelleider wat de regels zijn en houdt zich daaraan. In veel huishoudens zijn de regels, grenzen en beperkingen voor honden niet duidelijk als ze al bestaan. En honden hebben net als kinderen regels, grenzen en beperkingen nodig om zich fatsoenlijk te kunnen gedragen.

De juiste energie die een volgeling in de roedel moet vertonen wordt kalme, onderdanige energie genoemd.

Onderdanig betekend ontspannen en ontvankelijk. Als honden en mensen echt met elkaar willen communiceren moet de hond een kalme, onderdanige energie uitstralen voordat een mens hem zover krijgt dat hij haar gehoorzaamt.

 

 ***Om een hond te corrigeren zal je op deze manier en in deze volgorde met haar om moeten gaan.

1- Als een dier,  denk ik aan natuurlijk en vrijheid

2- Soort: hond

3- Ras (collie – teckel enz)

4- De naam (persoonlijkheid)

Met andere woorden:  jouw hond is een dier, een hond, geen mens. Als wij dus besluiten om ze bij ons te laten leven hebben wij de plicht om aan hun natuurlijke dierenbehoeften te voldoen als we willen dat ze gelukkig en evenwichtig zijn.

Het belangrijkste wat je over dieren moet weten is, dat ze allemaal in het heden leven, constant. Dat betekent niet dat ze geen geheugen hebben, want dat is wel zo. Alleen maken ze zich niet druk over het verleden of over de toekomst.